De Wuggle Buggle doos – deel 2 (Slot)
Weet u het nog? Op 10 juli schreef ik dat ik op zoek was naar een originele Wuggle Buggle doos, liefst in de uitvoering met Twinky Winky stippeltjes die neigen naar puntjes. In de winkel liep het toen gigantisch uit de hand. De manager liet me afvoeren door het REET (Rolstoel Eikels Evacuatie Team). Ik kreeg een jasje aan dat zo strak zat dat ik niet eens meer zelf met mijn rolstoel kon rijden. Maar nu ben ik weer thuis, en vastbesloten een Wuggle Buggle doos te vinden.
Ik vroeg het aan de chauffeur van het rolstoelbusje, want die weten veel adresjes. Hij was een dikbuikige 50-plusser met een versleten zwart pak aan. ‘Aha… u zoekt een Wuggle Buggle doos’ zei hij met een lachje dat net zo vettig was als zijn kalende kruin. Hij knipoogde en begon op z’n Mokums te zingen: ‘Aan de Amsterdamse grachte… hebbe se de mooiste doos van ‘t land.’
Kijk, daar had ik wat aan. Dit was duidelijk een Wuggle Buggle kenner. ‘Heeft u nog genoeg kilometers bij Valys’ vroeg hij meelevend. ‘Anders wil ik u zelf wel voor een zacht prijsje wegbrengen.’ Mijn rolstoelvervoersbudget was inderdaad op, dus ik aanvaardde zijn aanbod.
Op een warme zomeravond bracht hij me naar de Oudezijds Voorburgwal. ‘De rest moet u zelf doen, maar zeker weten dat u hier een Wuggle Buggle doos vindt’ zei hij, alweer met zo’n vette knipoog. ‘Kom om middernacht terug naar mijn busje, dan breng ik u weer thuis. In de tussentijd ga ik zelf ook nog wat Wuggle Bugglen.’ Weer knipoogde hij. Hij duwde me de gracht op en verdween.
Ik zag allemaal winkels met rode etalages, waarin de verkoopsters al zaten te wachten. Je kon merken dat het een zoele avond was, want ze hadden nauwelijks wat aan.
‘Dag mevrouw, ik ben op zoek naar een Wuggle Buggle doos’ vroeg ik aan een donkerharige beauty met benen tot aan haar oksels. ‘Wegwezen, engerd in je karretje,’ siste ze. ‘Ik doe geen kinky dingen.’
Bij de volgende winkel zat een wat oudere, mollige mevrouw in de etalage. Ze had blond haar en droeg een kort zwart jurkje. Ik vond haar te zwaar opgemaakt, maar ze keek wijs en lief. ‘Goedenavond mevrouw, heeft u misschien een Wuggle Buggle doos voor mij?’ Ze antwoordde vriendelijk lachend: ‘Natuurlijk m’n jongen, jij mag ook weleens lekker wuggle bugglen hoor, kom maar binnen bij Blonde Bets. Maar voor niks gaat de zon op hè…. Heb je wel centjes bij je?’
10 Juli sloeg ik op tilt bij die vraag, maar nu niet. Ze duwde me over de drempel en zei dat ik lekker op bed moest gaan liggen. ‘Is dit dan een beddenzaak?’ vroeg ik. ‘Ja, dat kun je wel zeggen’ lachtte zij, ‘maar inclusief een Wuggle Buggle doos, hoor.’
Ze kwam naast me liggen en ik vertelde hoe lang ik al tevergeefs op zoek was. ‘Ik denk dat ik je begrijp m’n jongen. Je krijgt gratis een half uurtje extra van me.’
Ze pakte het boek dat op haar nachtkastje lag, en las me stukjes voor. Het was ‘de Alchemist’ van Paulo Coelho. Ze streelde me en zei: ‘Net als in dit boek m’n jongen, ben jij al jaren op zoek naar de schat, en jij hebt dat de ‘Wuggle Buggle doos’ genoemd.
Maar de èchte schat zit in jezelf…. En die heb je nu gevonden!’
Haar ogen keken oneindig wijs, haar lichaam voelde oneindig lief. Er daalde een weldadige rust op me neder.
Het bed begon te kraken: Wuggle…, buggle…. Wuggle… buggle.

Mooi geschreven Kees. Lief dat je dit deelt met ons!
En er zit zeker een schat in je, en dat weet je nu ook, je hebt er zelf ook een ‘levensles’ aan